dinsdag 12 april 2005

RICHARD GERE MOET HEEL GOED UITKIJKEN

Mijn echtgenote, laten we haar Elsie noemen, kan veel hebben. Nu ja, laat ik niet overdrijven: ze kan het een en ander hebben. Maar als Richard Gere op tv is, wordt ze, laat ik het maar gewoon zeggen, fysiek onpasselijk. Het is een heel onaangenaam verschijnsel, en ik zou het er hier misschien niet over moeten hebben - privé-zaken zijn privé-zaken -, maar als er tijdens een reclameblok op tv een fragment van een film voorbijflitst, en Richard Gere laat in zo'n fragment toevallig zijn gezicht zien, dan hapt ze bijkans naar adem. En dat bedoel ik hier niet positief.

Ik moet het misschien nauwkeuriger formuleren. Als Richard Gere zich op de televisie vertoont, of in een krant, of - wie weet - in een tijdschrift, en mijn echtgenote ziet dat toevallig, dan komt er stoom uit haar oren. Ik dacht altijd dat het maar een uitdrukking was, een zegswijze, een gebbetje, als ik las dat er stoom uit iemands oren kwam. Noem me naïef, maar ik had het nooit met eigen ogen gezien.

Er zijn inmiddels vele films die volstrekt kansloos zijn in ons huis. Die staan hier op een zwarte lijst. Die blokkeren we. Pretty Woman staat op die lijst. An Officer and a Gentleman staat op die lijst. Autumn in New York staat op die lijst. Wat zeg ik, Autumn in New York voert die lijst aan. En verder komt elke film waarin Richard Gere grijzende lokken heeft of waarin hij zijn typische Richard Gere-blik opzet, er hier niet in.

Aanvankelijk nam ik het niet zo serieus. Ik herinner me de keer dat ik dacht grappig te zijn. Dat ik Elsie verraste door zomaar, pardoes, de huiskamer in te lopen met een Richard Gere-masker op. Ik murmelde er nog wat woorden bij ook, en ik weet vrij zeker dat het de woorden 'How much for the entire night?' waren, want daarmee kwam Richard Gere nog zo leuk weg in Pretty Woman. En ik sprak die woorden, zoals gezegd, omdat ik dacht 'grappig' te zijn. Nu, ik heb het geweten. Dat soort grappen vindt mijn echtgenote Niet Leuk.

Sindsdien mank ik een beetje.

V.

maandag 11 april 2005

UURTJES STOEIEN

Ik had de beste rij-instructeur die je maar kunt vinden. Dat dacht ik althans. Ik had het wel eens over hem met Els, die ook les van hem had gehad, en zij was het met me eens. Sterker: Els volgde zijn rijlessen met zo veel plezier dat ze concludeerde: 'Nu moet ook jij maar eens rijlessen nemen. Die man is heel goed, en hij helpt je wel over die drempel heen.' Er zat niets anders op. Eind 2000 nam ik voor het eerst plaats in zijn auto. 'Heb je ooit eerder achter het stuur gezeten?' vroeg hij me. 'Nooit,' zei ik. En daar gingen we.

Ik was een trage leerling. Ik vond het vooral erg leuk, die rijlessen. Ik beleefde er veel plezier aan. Ik dacht: dat afrijden, dat komt wel een keer. Dat is niet een houding die je heel ver brengt, zou je zeggen. Soms had ik bijvoorbeeld een les waarin het iets minder ging. Dan zei ik tegen mijn rij-instructeur: 'Ik had niet zo'n goed uur. Maar je weet het: ik heb er niet zo'n haast mee.' En dat wist hij.

Ik had rijlessen van eind 2000 tot zomer 2002. Ik heb heel veel uren met mijn rij-instructeur doorgebracht. We leerden elkaar een beetje kennen. We spraken over zijn aanstaande huwelijk. Over de verbouwing aan zijn huis. Over de politiek. En soms moest ik afrijden. Dat was me wat. De flair, de souplesse en de rijvaardigheid die ik soms aan den dag legde tijdens mijn betere lesuren, die waren allemaal ver te zoeken als ik moest afrijden. Tijdens zulke examens zat mijn rij-instructeur altijd achter me. Die keek dan hoe ik het ervan afbracht. Ik weet nog dat ik na de tweede keer zakken dacht: wat zielig voor hem. Die man doet altijd zo zijn best en zie hoe ik het weer verpruts.

Hij had bepaalde zegswijzen. Wie mij enigszins kent, weet dat ik gevoelig ben voor taal. Ik schuw stopwoorden. Ik schuw verhaspelde uitdrukkingen. Ik schuw mensen die er met de pet naar gooien als ze je te woord staan. Maar van mijn rij-instructeur kon ik veel hebben. Zo gebruikte hij de woorden 'op zeker' waar het woord 'zeker' op zich gewoon had volstaan. Ik vond dat wel charmant. Als hij mij ophaalde voor een nieuwe les, zei hij soms: 'Dan gaan we eens even een uurtje stoeien met die auto.' Tenzij ik een dubbel lesuur had. Dan zei hij bijvoorbeeld: 'Dan gaan we eens even een paar uurtjes stoeien met die auto.' En als het allemaal weer volbracht was en we de volgende leerling ophaalden, zei hij terwijl ik de motor afzette: 'Zo. Rust in de tent.'

Ook herinner ik me de woorden 'Bij Plaspoelpolder gaan we eraf'. Het was dan goed opletten waar op de borden 'Plaspoelpolder' stond aangegeven. Je zou zeggen: dat is niet zo moeilijk. Vooral als je meerekent dat hij voortdurend, repetitief, aanhoudend, de lettergrepen 'Plas-poel-polderrr' uitsprak. Maar ik verzeker jullie: dan nóg kun je de afslag gewoon missen.

En soms reden we even langs het CBR. De ene keer omdat hij me wat knoppen in de auto wilde uitleggen, maar vaak ook gewoon omdat er dringend een toilet bezocht diende te worden. Dan sprak hij de iets te plastische woorden: 'Het klotst me voor de ogen.'

Zoals gezegd: Els had vroeger ook les van mijn rij-instructeur. Maar als ik in haar bijzijn zijn woorden citeer, zegt ze altijd: 'Nee hoor. Zulke dingen zei hij nooit. Niet tegen mij.'

Er kwam natuurlijk eens een eind aan. De derde keer afrijden was raak. Ik was heel gelukkig. Ook voor mijn rij-instructeur. We hadden een lange weg afgelegd, tezaam, maar nu was het gedaan. Rust in de tent.

En toen zagen Els en ik hem zaterdagmiddag weer. Hij stapte de stadsbus in met een vrouw, en we hoopten dat het de vrouw was over wie hij altijd sprak in de auto. Dat leek ons het beste. Ook zagen we dat hij iets ouder was geworden. Els herkende hem aanvankelijk niet eens. Maar hij groette ons.

We gingen niet even naar hem toe om bij te praten. Hij kwam ook niet even naar ons toe. Ze droegen koffers bij zich en ze waren vermoedelijk nog in een vakantiestemming. En ergens was ik bang dat hij dacht: waarom zijn die twee niet gewoon met de auto naar de stad? Wat doen die nog in een bus?

V.

zondag 10 april 2005

VERGEEFS

Enkele keren begon ik vandaag aan een nieuw stukje, jullie indachtig - de fans, de lezers. Maar het draaide nergens op uit. Ik schreef zinnen en schrapte ze weer. Ik overwoog onderwerpen en verwierp ze weer. Ik woog woorden. Ik logde in en logde uit. En weer in. En toch weer uit.

Ik denk niet dat het nog iets gaat worden, eerlijk gezegd.

V.

vrijdag 8 april 2005

NIELS EN VINCENT PRATEN OVER DANSEN OP MSN

Niels kwam er vanmiddag achter dat Elsie en ik - op onze bruiloft na - elkaar nooit hebben zien dansen. Daar kwam een msn-gesprek van.

Niels: Neger.
Vincent: Aap.
Niels: Stoere plannen voor dit weekeinde?
Vincent: Geenszins. Jij?
Niels: Vanavond komt Mar10 bij mij eten. Daarna gaan we wellicht naar een nieuwe club bij mij in de buurt. Jij moet gewoon een keer gaan dansen met je vrouw, zeg!
Vincent: Ik wist niet dat dit zo'n gevoelig punt voor je was.
Niels: Is het ook niet zo erg, maar ik vond het gewoon vreemd.
Vincent: Ik nu ook.
Niels: Da's al. Weet je wat ik me net bedenk?
Vincent: ?
Niels: Dat ik jou tientallen keren heb zien dansen, maar dat ik niet voor zou kunnen doen hoe je danst.
Vincent: Ik ook niet. Zoals nu: nu zou ik niet weten hoe ik dans. Maar ik dans nochtans altijd hetzelfde, denk ik. Ik zou het van jou ook niet weten.
Niels: Het hangt van de muziek af, bij mij. Ik dans anders op bijvoorbeeld Noodlanding dan op Awakenings.
Vincent: Wel wel.
Niels: Jaja. Kun je eigenlijk ergens dansen in Delft?
Vincent: 'Tuurlijk wel,' zegt Els. 'In Lorre.'
Niels: Lorre? Hét housebolwerk van Delft?
Vincent: Volgens mij is dat een enge studentenplek. Maar goed.
Niels: Ik was laatst in Den Haag dansen. In Silly Symphonies. Vreemd volk kwam daar.
Vincent: Zo klinkt het.
Niels: Ik dans toch het liefste in mijn eigen stad. Daar ken ik tenminste mensen.
Vincent: Hebben we het werkelijk nog steeds over dansen? Werkelijk?
Niels: Ja, hoor.
Vincent: Dit gesprek moet op de seit!
Niels: Doe maar.
Vincent: Zeg nog eens iets lolligs dan?
Niels: Hm... Over dansen zeker?
Vincent: Ja, jij vindt dansen toch plotseling HET onderwerp?
Niels: Dansen is HET onderwerp. Dat roeleert de pan uit. Etc. Ik was eens ergens dansen en toen zei een meisje tegen me: Je danst alsof je ook lekkere eitjes bakt in de morgen.
Vincent: Wat een mal dansje moet dat geweest zijn.
Niels: Het was een dansje zoals ik alleen kan. Goed, maar ik moet gaan. Ik ga vanavond dansen met Martien. Bo!
Vincent: We hebben het nu NOG STEEDS over dansen. Waarom niet over eitjes bakken? Jij bakt nooit een eitje voor me.
Niels: Ach man, de laatste keer dat jij in mijn enorme stadsvilla bij de Heineken brouwerij was nog. Nu ja, dat is ook al bijna 8 maanden geleden.
Vincent: O.
Niels: Gebakken eieren, met spek en kaas, man. Maar goed, knoop het in je oren: dansen gaat het helemaal worden deze zomer.
Vincent: De bom!
Niels: En: ik dans alsof ik lekkere eitjes bak des ochtends.
Vincent: Ik zie het je doen. Nu.
Niels: Toen vroeg ik aan dat meisje: WAT voor 'n eitjes? Of nee, dat zei ik niet. Hm, nu ben ik gans confuus.
Vincent: Scherpe reactie, hoor. Jij weet daar wel op in te spelen, zie ik.
Niels: Waarom altijd kippeneieren, zei ik toen.
Vincent: Ja.
Niels: Weet je wel dat je met een struisvogelei wel tien mensen kunt voeden, ging ik door.
Vincent: Op de dansvloer? Met dat lawaai om je heen? En ze bleef gewoon bij je staan?
Niels: Ze kwam zelfs wat dichterbij staan.
Vincent: Ik vind dit gesprek een bedenkelijke wending nemen, Niels.
Niels: Dan zal ik de clou maar helemaal achterwege laten.
Vincent: Nee joh. Ik post dit gesprek toch?
Niels: Misschien juist daarom. Staat ie er al op dan? Dit héle gesprek?
Vincent: Nog niet. Ben het aan het bewerken. Alles over je werk is eruit bijvoorbeeld.
Niels: Ah, dan wacht ik nog wel even.

Niels: Staat het er nú op?
Vincent: Bijna.

V.

donderdag 7 april 2005

LIEDEREN GEVRAAGD

Ik ben op zoek naar liederen die ik eigenlijk zou moeten kennen, waarde lezers. Daarom stel ik voor dat eenieder van jullie - ja, ook als je hier normaal alleen maar komt lezen en niets bij de comments plaatst, ook jij dus - één titel noemt waarvan je vindt: tjonge, als Vince dat lied nú nog niet kent, waar gaat het dan heen met hem? En als het echt moet, mag je zelfs twee titels noemen. Striktheid is niet altijd zinvol.

Als er geen lente is, dan maken we er toch gewoon een met z'n allen?

Zelf raad ik jullie 'Lua' van Bright Eyes aan. (Of 'Songs of Love' van Ben Folds, want ikzelf mag ook best twee titels noemen. Niemand maakt me wat.)

Laat het commentsveld uitpuilen als nooit tevoren, jongens en meisjes!

V.

NIEUWE FASE

Ik ben officieel geen student meer. Ik leverde mijn collegekaart in bij het informatiecentrum en de dame achter de balie zei tegen me: 'Succes met deze nieuwe fase van je leven.'

In deze nieuwe fase van mijn leven zal ik dus nooit meer, ik noem maar wat, op maandagavond naar de Open Borrel Avond in de Meander kunnen. Wát een gemis.

In deze nieuwe fase van mijn leven zit ik tegenwoordig op het Amsterdamse stadhuis allerlei taken uit te voeren voor een niet nader te noemen politieke partij. Over die taken kan ik natuurlijk ook niets vertellen, want vertrouwelijk.

In deze nieuwe fase van mijn leven log ik illegaal in bij studiecentra om mijn mail te checken, met het collegekaartnummer en het wachtwoord van iemand anders.

In deze nieuwe fase van mijn leven lijkt het allemaal nóg drukker te gaan worden dan de afgelopen maanden. Ik ga immers alle banen en klussen die me voor de neus komen aanpakken en daarnaast ga ik mijn boek maar eens afschrijven.

Maar goed. 19 april. Dan is het pas echt voorbij. En kan mijn nieuwe fase officieel beginnen.

N.

woensdag 6 april 2005

HMPF

Prins Rainier dood. Saul Bellow dood. De lente dood.

Ik haal mijn winterjas wel weer uit de kast, hoor. Allemachtig.

V.