(Eerst wilde ik hier een lang verhaal schrijven, met allerlei zinnen zoals jullie ze hier al tientallen keren hebben gelezen, en ik wilde jullie vertellen waarover Niels en ik enkele dagen geleden zoal spraken tijdens onze lunch in een Amsterdamse broodjeszaak waar ze heel goed airconditioning zouden kunnen gebruiken, en over de boekpresentatie die we vorige week meemaakten op een Amsterdams terras, en o ja, natuurlijk zou het woord 'snooker-WK' ook nog voorbijkomen, maar waar het hele gesprek feitelijk op neerkwam, is:)
Ergens in de maand mei (en uiterlijk in juni) willen Niels en ik hier weer regelmatig gaan schrijven. Een en ander hangt af van Niels' internetaansluiting, van ons beider motivatie om de boel hier nieuw leven in te blazen, en vooral ook van de nieuwe lay-out die onze html-tovenaar ons ooit beloofde - hoe zit het ermee, Kor? -, maar dat komt dus wel goed.
En dan halen we ook eindelijk die rottige pop-ups van de site. Let maar eens op.
V.
OMDAT ALLEEN TEKST OOK HEEL STOER IS
Literatuur, Film, Muziek en Andere Fijne Zaken
maandag 30 april 2007
woensdag 28 maart 2007
IS DAT JE SHOWLOOPJE?
'Het is lente!' mailde ik gisteren aan oud-collega E. Ze antwoordde vrijwel meteen: 'Ja, ik weet nog hoe jij daar altijd helemaal van opleeft. Niet dat je in de winter niet om aan te zien was, maar toch...' Ja ja, de lente van 2007 is begonnen. Nog even en ik schud mijn winterjas van me af alsof ik hem nooit heb gemogen. Kom, lezers, fans & groupies, laten we het glas heffen op de lente van 2007.
Vanmiddag deden collega B. en ik een eerste poging, maar we hielden het bij een paar caffe lattes bij het Koffiepaleis waar het meisje werkt dat er altijd nét iets anders uitziet en er niettemin altijd nét niet in slaagt aantrekkelijk voor de dag te komen. Dit keer zat ze op haar hurken toen we het Koffiepaleis betraden en ik zei: 'Weer iets nieuws. En weer niets.' Maar de lente van 2007 biedt nieuwe perspectieven, en ook het meisje dat er altijd net iets anders uitziet leek daarvan op de hoogte.
Op weg naar het Koffiepaleis vierde ik de lente al een beetje inwendig, want collega B. vroeg me: 'Is dat je showloopje?' Ik schrok en vroeg haar wat ze daarmee wilde zeggen. Ze wilde daarmee zeggen: is dat je showloopje? Bedoelde ze misschien dat ik nog swingender en nichteriger liep dan normaal? Nee, ze bedoelde dat ik plots een showloopje had. Ik zei dat ik me even heel klein en nietig voelde. En dat ik me nu zomaar bewust was van hoe ik liep. Dat is ook de bedoeling, zei ze.
De kleine Thijs weet ook dat het lente wordt, want die glimlacht sinds kort, en wel zó aanstekelijk dat ik er iedereen over vertel. Hij is nu zes weken en zegt al heel vaak: 'Daar ben ik nu echt te oud voor.' Ook oefent hij zijn ironische blik, want hij denkt dat die blik hem nog ver zal brengen. De kleine Thijs is het me eens dat 'Keep the Car Running' en 'Hang Me Up to Dry' de liederen van dit moment zijn, al vindt hij ze niet erg bij de lente passen. Daarin verschillen we nog een beetje van mening.
Kom, laten we rosé drinken en afwachten wat de lente van 2007 ons brengt. Mij zal het een snooker-WK brengen vol bloedstollende momenten. En vergeefse voornemens om meer op deze site te schrijven. En afscheidsfeestjes van een eindeloze stoet collega's (mijn god, houdt het dan nooit op?) - al komt er af en toe ook zomaar een leuke collega bij, met een weblog nog wel. In de lente van 2007 zal ik opnieuw een manuscript lezen dat zo jaloersmakend goed is dat ik me afvraag waarom het niet hier maar daar verschijnt. In de lente van 2007 zal ik Barcelona noch Londen zien, want ik ben een jonge vader, en die hebben wel wat beters te doen. Ook in eigen land zal ik geconfronteerd worden met nóg meer halfnaakt volk dat beter thuis zou blijven met de luiken dicht en een zak over het hoofd. En ik zal mijn showloopje cultiveren - tenzij ik het met winterjas en al in een hoek werp. Ik zal mensen beledigen zonder dat ze het doorhebben, en anderen complimenteren en behagen, omdat het nodig is.
Ik vind de lente van 2007 nú al leuk.
V.
Vanmiddag deden collega B. en ik een eerste poging, maar we hielden het bij een paar caffe lattes bij het Koffiepaleis waar het meisje werkt dat er altijd nét iets anders uitziet en er niettemin altijd nét niet in slaagt aantrekkelijk voor de dag te komen. Dit keer zat ze op haar hurken toen we het Koffiepaleis betraden en ik zei: 'Weer iets nieuws. En weer niets.' Maar de lente van 2007 biedt nieuwe perspectieven, en ook het meisje dat er altijd net iets anders uitziet leek daarvan op de hoogte.
Op weg naar het Koffiepaleis vierde ik de lente al een beetje inwendig, want collega B. vroeg me: 'Is dat je showloopje?' Ik schrok en vroeg haar wat ze daarmee wilde zeggen. Ze wilde daarmee zeggen: is dat je showloopje? Bedoelde ze misschien dat ik nog swingender en nichteriger liep dan normaal? Nee, ze bedoelde dat ik plots een showloopje had. Ik zei dat ik me even heel klein en nietig voelde. En dat ik me nu zomaar bewust was van hoe ik liep. Dat is ook de bedoeling, zei ze.
De kleine Thijs weet ook dat het lente wordt, want die glimlacht sinds kort, en wel zó aanstekelijk dat ik er iedereen over vertel. Hij is nu zes weken en zegt al heel vaak: 'Daar ben ik nu echt te oud voor.' Ook oefent hij zijn ironische blik, want hij denkt dat die blik hem nog ver zal brengen. De kleine Thijs is het me eens dat 'Keep the Car Running' en 'Hang Me Up to Dry' de liederen van dit moment zijn, al vindt hij ze niet erg bij de lente passen. Daarin verschillen we nog een beetje van mening.
Kom, laten we rosé drinken en afwachten wat de lente van 2007 ons brengt. Mij zal het een snooker-WK brengen vol bloedstollende momenten. En vergeefse voornemens om meer op deze site te schrijven. En afscheidsfeestjes van een eindeloze stoet collega's (mijn god, houdt het dan nooit op?) - al komt er af en toe ook zomaar een leuke collega bij, met een weblog nog wel. In de lente van 2007 zal ik opnieuw een manuscript lezen dat zo jaloersmakend goed is dat ik me afvraag waarom het niet hier maar daar verschijnt. In de lente van 2007 zal ik Barcelona noch Londen zien, want ik ben een jonge vader, en die hebben wel wat beters te doen. Ook in eigen land zal ik geconfronteerd worden met nóg meer halfnaakt volk dat beter thuis zou blijven met de luiken dicht en een zak over het hoofd. En ik zal mijn showloopje cultiveren - tenzij ik het met winterjas en al in een hoek werp. Ik zal mensen beledigen zonder dat ze het doorhebben, en anderen complimenteren en behagen, omdat het nodig is.
Ik vind de lente van 2007 nú al leuk.
V.
maandag 19 maart 2007
KORT BINNENLANDS NIEUWS
Ik was op het Boekenbal en constateerde onder andere dat Christiaan Weijts voor een man van zestig er nog best redelijk uitziet.
Mijn nieuwe roman zal niet verschijnen onder de titel Muziek uit openstaande ramen. Wat de titel wel wordt zal ik in de toekomst op deze site onthullen.
Een scenario dat ik schreef naar een fragment uit bovenstaand boek zal door de veelbekroonde regisseur Marleen Jonkman worden verfilmd. Vanavond heb ik een bespreking met haar en haar vaste cameraman. Details volgen zodra die bekend zijn.
Woensdag vertrek ik voor tien dagen naar Zuid-Frankrijk.
N.
Mijn nieuwe roman zal niet verschijnen onder de titel Muziek uit openstaande ramen. Wat de titel wel wordt zal ik in de toekomst op deze site onthullen.
Een scenario dat ik schreef naar een fragment uit bovenstaand boek zal door de veelbekroonde regisseur Marleen Jonkman worden verfilmd. Vanavond heb ik een bespreking met haar en haar vaste cameraman. Details volgen zodra die bekend zijn.
Woensdag vertrek ik voor tien dagen naar Zuid-Frankrijk.
N.
vrijdag 9 maart 2007
DAN NU EVEN OVER MIJN PENSIOEN
Ik werd gebeld door iemand die met me wilde praten over mijn pensioen. Daar keek ik niet zo van op, het gebeurt me immers wel vaker. Dit keer was het iemand van mijn eigen bank. Ik dacht nog: als ik door mijn eigen bank word lastiggevallen met die stompzinnige pensioentelefoontjes, ga ik net zo lief naar een andere bank. Maar ik maak me nergens meer druk over tegenwoordig, en bovendien, hoe weet ik nu zeker dat ik 65 word? Waarom gaat mijn bank daar zomaar van uit? Ik vind dat helemaal niet zo vanzelfsprekend, maar daar had het meisje van mijn bank niets mee te maken, vond ik. Ik draaide er dus zo’n beetje omheen.
Er was blijkbaar een actie gaande waarbij mijn bank me aanbood om een of andere financiële tovenaar op me af te sturen, zomaar, gratis, en op een tijdstip dat mij schikte – als het verdorie maar heel snel gebeurde. Ik dacht nog aan de woorden die Elsie onlangs sprak: ‘Als jij zo vaak gebeld wordt over je pensioen, moet je je misschien eens afvragen of dat niet terecht is’, maar ik dacht: ik mag ze niet laten winnen. Ik ben daar heel recalcitrant in, dat wil ik best toegeven.
En toen nam de conversatie een wending. Het meisje van mijn bank probeerde een afspraak voor me te regelen, terwijl ik het hele gesprek tot dan toe geen moment de indruk had gewekt daarop uit te zijn. Ik vormde plots zinnen als: ‘Ik denk niet dat dat er op korte termijn in zit.’ Daar had ze even niet van terug. Althans, dat leek maar zo, want ze zei na enkele seconden: ‘Maar we hebben nú een actie. En straks is die actie er niet meer.’ Ik vroeg haar of het, als ik me dan eindelijk eens zorgen ging maken over dat fictieve pensioengat, werkelijk onmogelijk was dat ik alsnog advies inwon bij iemand van mijn bank. Nee, dat was niet onmogelijk. Maar nu was er die actie. En daarom kon er maar beter een afspraak gemaakt worden. Die kon ik dan altijd nog afzeggen.
‘U wilt dus nu een afspraak voor mij maken met zo’n adviseur, die ik vervolgens weer moet afzeggen? Dat klinkt een beetje omslachtig.’ Het meisje vond dat kennelijk ook, want ze liet merken dat het eigenlijk niet de bedoeling was dat ik onder die afspraak uit probeerde te komen. Het was voor mijn eigen bestwil en er was nú een actie en het was allemaal geheel vrijblijvend en er waren heel de tijd maar verontrustende ontwikkelingen gaande en daar kon ik maar beter op inspelen. ‘Hier zijn ook ontwikkelingen gaande,’ antwoordde ik, terwijl ik recht in de ogen van de kleine Thijs keek. Die leek me te willen zeggen: als jij niets laat doen aan je pensioengat, ben ik hier weg, makker, maar ik keek snel een andere kant op. ‘Er vinden in dit huishouden recentelijk ontwikkelingen plaats die zo ingrijpend zijn dat ik bezwaarlijk afspraken kan maken,’ hoorde ik mezelf zeggen. Waar kwam die wartaal vandaan? Er kwam nog veel meer geks, want ineens zei ik: ‘Ik denk niet dat het nu nodig is uit te weiden over mijn situatie, in dit huishouden, met al die ontwikkelingen en al, maar nee, ik bevind me werkelijk niet in de positie waarin ik zomaar afspraken kan maken. Laat staan ze af te zeggen.’
Misschien schrok het meisje van mijn bank daar een beetje van. Het gesprek was namelijk algauw afgelopen. Had ik haar in verlegenheid gebracht? Mogelijk dacht ze dat ik me in een lastig parket bevond, dat er ontwikkelingen gaande waren die zo gevoelig lagen dat ze niet over de telefoon besproken konden worden. En ik, ik hoopte stilletjes dat ik weer een paar dagen van die pensioentelefoontjes verlost bleef. De kleine Thijs intussen glimlachte, maar dat deed hij per ongeluk.
V.
Er was blijkbaar een actie gaande waarbij mijn bank me aanbood om een of andere financiële tovenaar op me af te sturen, zomaar, gratis, en op een tijdstip dat mij schikte – als het verdorie maar heel snel gebeurde. Ik dacht nog aan de woorden die Elsie onlangs sprak: ‘Als jij zo vaak gebeld wordt over je pensioen, moet je je misschien eens afvragen of dat niet terecht is’, maar ik dacht: ik mag ze niet laten winnen. Ik ben daar heel recalcitrant in, dat wil ik best toegeven.
En toen nam de conversatie een wending. Het meisje van mijn bank probeerde een afspraak voor me te regelen, terwijl ik het hele gesprek tot dan toe geen moment de indruk had gewekt daarop uit te zijn. Ik vormde plots zinnen als: ‘Ik denk niet dat dat er op korte termijn in zit.’ Daar had ze even niet van terug. Althans, dat leek maar zo, want ze zei na enkele seconden: ‘Maar we hebben nú een actie. En straks is die actie er niet meer.’ Ik vroeg haar of het, als ik me dan eindelijk eens zorgen ging maken over dat fictieve pensioengat, werkelijk onmogelijk was dat ik alsnog advies inwon bij iemand van mijn bank. Nee, dat was niet onmogelijk. Maar nu was er die actie. En daarom kon er maar beter een afspraak gemaakt worden. Die kon ik dan altijd nog afzeggen.
‘U wilt dus nu een afspraak voor mij maken met zo’n adviseur, die ik vervolgens weer moet afzeggen? Dat klinkt een beetje omslachtig.’ Het meisje vond dat kennelijk ook, want ze liet merken dat het eigenlijk niet de bedoeling was dat ik onder die afspraak uit probeerde te komen. Het was voor mijn eigen bestwil en er was nú een actie en het was allemaal geheel vrijblijvend en er waren heel de tijd maar verontrustende ontwikkelingen gaande en daar kon ik maar beter op inspelen. ‘Hier zijn ook ontwikkelingen gaande,’ antwoordde ik, terwijl ik recht in de ogen van de kleine Thijs keek. Die leek me te willen zeggen: als jij niets laat doen aan je pensioengat, ben ik hier weg, makker, maar ik keek snel een andere kant op. ‘Er vinden in dit huishouden recentelijk ontwikkelingen plaats die zo ingrijpend zijn dat ik bezwaarlijk afspraken kan maken,’ hoorde ik mezelf zeggen. Waar kwam die wartaal vandaan? Er kwam nog veel meer geks, want ineens zei ik: ‘Ik denk niet dat het nu nodig is uit te weiden over mijn situatie, in dit huishouden, met al die ontwikkelingen en al, maar nee, ik bevind me werkelijk niet in de positie waarin ik zomaar afspraken kan maken. Laat staan ze af te zeggen.’
Misschien schrok het meisje van mijn bank daar een beetje van. Het gesprek was namelijk algauw afgelopen. Had ik haar in verlegenheid gebracht? Mogelijk dacht ze dat ik me in een lastig parket bevond, dat er ontwikkelingen gaande waren die zo gevoelig lagen dat ze niet over de telefoon besproken konden worden. En ik, ik hoopte stilletjes dat ik weer een paar dagen van die pensioentelefoontjes verlost bleef. De kleine Thijs intussen glimlachte, maar dat deed hij per ongeluk.
V.
zaterdag 17 februari 2007
THIJS, 6 DAGEN OUD
De kleine Thijs kan al heel goed wantrouwig kijken naar mensen. Al dwaalt zijn blik soms ook af naar het plafond, of een kast, of een vloerkleed, en bij al die dingen lijkt hij te denken: wat een amateuristische bedoening is het hier, wacht maar tot ik groot ben. Hij houdt ervan op zijn linkerzij te slapen. Maar hij houdt niet minder van op zijn rechterzij slapen. Hij heeft nog maar weinig hobby's, maar hij stelt het op prijs als je hem een beetje wiegend ronddraagt en als je reageert op de geluiden die hij maakt. Hij vindt het fijn om in bad te gaan, maar op sommige dagen denkt hij daar heel anders over. Het liefst van alles wordt hij gevoed, en dat zo'n zes à zeven keer per dag, waar alleen zijn moeder hem bij kan helpen. Hij moet zich intussen dus wel afvragen wat mijn functie in het geheel is.
De kleine Thijs gaat veel op de foto. Hij heeft al een boel haar, en hij krabt zichzelf vaak onbedoeld met een van zijn tien minuscule vingernagels. Hij gaat voornamelijk gekleed in de kleuren blauw, wit en bruin. Hij heeft nog geen idee dat hij Thijs heet. Hij heeft geen mening over onze katten, maar zij duidelijk wel over hem. Hij zegt daarover: ze trekken wel bij, gun ze wat tijd. Hij wordt 's nachts vaak wakker rond halfdrie, en dan rond zes uur nog een keer. Hij weegt al meer dan bij zijn geboorte en we denken dat al dat gewicht in zijn wangen is gaan zitten. Als iemand langskomt om kennis met hem te maken, slaapt Thijs soms gerust door die hele ontmoeting heen.
De kleine Thijs krijgt soms al post, al is die doorgaans gericht aan 'de ouders/verzorgers van'. Hij deelt zijn verjaardag met beroemdheden die vermoedelijk allemaal alweer vergeten zijn tegen de tijd dat we het hem kunnen vertellen: Jennifer Aniston, Burt Reynolds, Brandy, Sheryl Crow, Leslie Nielsen, D'Angelo, Ria Valk, Sergio Mendes en Rafael van der Vaart. Hij spreidt zijn handen soms alsof hij wil zeggen: ooit zal dit alles van mij zijn. Hij lijkt soms al te glimlachen. Hij houdt erg van Winnie de Poeh - althans, dat hopen we vurig, aangezien zijn kamertje volhangt met diens beeltenis. Hij vindt krampjes niet leuk en maakt dat altijd kenbaar. Hij wil heus wel snooker met me kijken, maar, zo zei hij me: de Welsh Open zegt me gewoon niet zoveel, en ik wacht liever even tot ik zelf mijn hoofd overeind kan houden - dus misschien het WK dan maar, in april?
Hij liet 39 weken en 4 dagen op zich wachten, maar afgelopen zondag 11 februari werd hij dan toch om 11.38 uur geboren te Delft: Thijs Jan Schmitz. Elsie en ik zijn heel gelukkig met hem.
V.
De kleine Thijs gaat veel op de foto. Hij heeft al een boel haar, en hij krabt zichzelf vaak onbedoeld met een van zijn tien minuscule vingernagels. Hij gaat voornamelijk gekleed in de kleuren blauw, wit en bruin. Hij heeft nog geen idee dat hij Thijs heet. Hij heeft geen mening over onze katten, maar zij duidelijk wel over hem. Hij zegt daarover: ze trekken wel bij, gun ze wat tijd. Hij wordt 's nachts vaak wakker rond halfdrie, en dan rond zes uur nog een keer. Hij weegt al meer dan bij zijn geboorte en we denken dat al dat gewicht in zijn wangen is gaan zitten. Als iemand langskomt om kennis met hem te maken, slaapt Thijs soms gerust door die hele ontmoeting heen.
De kleine Thijs krijgt soms al post, al is die doorgaans gericht aan 'de ouders/verzorgers van'. Hij deelt zijn verjaardag met beroemdheden die vermoedelijk allemaal alweer vergeten zijn tegen de tijd dat we het hem kunnen vertellen: Jennifer Aniston, Burt Reynolds, Brandy, Sheryl Crow, Leslie Nielsen, D'Angelo, Ria Valk, Sergio Mendes en Rafael van der Vaart. Hij spreidt zijn handen soms alsof hij wil zeggen: ooit zal dit alles van mij zijn. Hij lijkt soms al te glimlachen. Hij houdt erg van Winnie de Poeh - althans, dat hopen we vurig, aangezien zijn kamertje volhangt met diens beeltenis. Hij vindt krampjes niet leuk en maakt dat altijd kenbaar. Hij wil heus wel snooker met me kijken, maar, zo zei hij me: de Welsh Open zegt me gewoon niet zoveel, en ik wacht liever even tot ik zelf mijn hoofd overeind kan houden - dus misschien het WK dan maar, in april?
Hij liet 39 weken en 4 dagen op zich wachten, maar afgelopen zondag 11 februari werd hij dan toch om 11.38 uur geboren te Delft: Thijs Jan Schmitz. Elsie en ik zijn heel gelukkig met hem.
V.
donderdag 1 februari 2007
IN AFWACHTING
Sommige mensen hier thuis beginnen hun geduld te verliezen. Zo betrap ik Elsie er tegenwoordig af en toe op dat ze ‘Kom er eens uit!’ tegen haar buik roept. Ze belde me vanmorgen op de Grote Uitgeverij, om me te vertellen dat hij er nog steeds niet uit kwam, en ik zei haar dat het niet gaf, en dat ze nog even geduld moest hebben, omdat het immers pas over 13 dagen zover zou zijn. (Het kan natuurlijk wat eerder of later worden, maar sinds vandaag zijn we er alvast van overtuigd dat het een februarikindje wordt.)
Mijn ongeboren zoon zelf intussen protesteert als zijn moeder haar ene been over het andere slaat. Of als ze op haar zij gaat liggen. Of als ze wil slapen. Of als ze luistert naar grungeplaten uit 1991. Toen ik haar vroeg waarom ze dat deed, antwoordde ze: ‘Ik dacht dat hij er dan misschien wel uit zou komen.’
Ikzelf vraag me intussen af of ik over twee maanden samen met mijn zoon naar het WK snooker zal kijken. En of hij nog even wacht met de woorden ‘Ga je me eigenlijk nog eens leren voetballen, makker?’ En of hij wel weet dat hij er binnenkort eens uit moet komen, omdat zijn moeder hem anders komt halen.
V.
Mijn ongeboren zoon zelf intussen protesteert als zijn moeder haar ene been over het andere slaat. Of als ze op haar zij gaat liggen. Of als ze wil slapen. Of als ze luistert naar grungeplaten uit 1991. Toen ik haar vroeg waarom ze dat deed, antwoordde ze: ‘Ik dacht dat hij er dan misschien wel uit zou komen.’
Ikzelf vraag me intussen af of ik over twee maanden samen met mijn zoon naar het WK snooker zal kijken. En of hij nog even wacht met de woorden ‘Ga je me eigenlijk nog eens leren voetballen, makker?’ En of hij wel weet dat hij er binnenkort eens uit moet komen, omdat zijn moeder hem anders komt halen.
V.
maandag 22 januari 2007
TOEN IK ZOMAAR DRIE PASFOTO'S VERLOOR
Onlangs liet ik nieuwe pasfoto's maken. De Delftse fotozaak waar ik dat liet doen bleek zomaar verplaatst, maar uiteindelijk vond ik hem en ik nam plaats op de kruk waarop je plaats dient te nemen als je nieuwe pasfoto's nodig hebt. Ik moest er eerst een trapje voor af, maar dat vond ik niet bezwaarlijk; er mag best iets tegenover staan. De fotograaf vroeg me of ik de pasfoto's nodig had voor een paspoort, want dan moet je aanzienlijk serieuzer kijken dan op andere foto's, en bovendien moet je hoofd precies binnen een bepaald kader passen. Hij keek er zorgelijk bij, alsof hij bij god niet wist hoe hij dat hoofd van mij in een kader ging proppen, maar ik glimlachte op de mij zo bekende wijze en ik zei hem: 'Welnee, het is maar voor een treinabonnement.' Hij ontspande zich, drukte af en duidde op de muur rechts van me, waar ik mijn tot enorme proporties opgeblazen hoofd afgebeeld zag. Ik keek heel serieus, dat zag ik wel. Maar de fotograaf vond dat geen probleem. Zo kon ik de foto eventueel nog eens voor een paspoort gebruiken. Afgezien van dat kader dan, en mijn cartooneske hoofd. (Dat laatste zei hij er niet bij, maar ik geef hier graag uitdrukking aan mijn onzekerheid.)
Dan nu de draai in dit verhaal. De wending. Dat wat je nooit aan kon zien komen. Ik gebruikte een van de vier foto's voor mijn nieuwe treinabonnement. De andere drie foto's liet ik in het kleine mapje zitten dat ik erbij kreeg. En dat kleine mapje nu, dat is verdwenen. Ik heb er uitputtend naar gezocht (wat inhoudt dat ik twee keer in mijn portemonnee heb gekeken, twee keer in een lade in de huiskamer waar ik nog wel eens iets terugvind, en één keer in de zwarte tas die ik altijd bij me draag), maar: niets gevonden. Ik ben zomaar drie foto's kwijt waarop ik serieuzer kijk dan strikt noodzakelijk.
Elsie zei me gisteren dat ze misschien gestolen zijn. Dat iemand ze uit mijn portemonnee geroofd heeft. Ja, ze had er ideeën over. 'Ik denk dat een meisje dat verliefd op je is ze gestolen heeft. En dat een van die foto's nu in haar eigen portemonnee zit. Een andere hangt boven haar bed, en de derde gebruikt ze voor een soort altaar. Ze is namelijk niet helemaal goed bij haar hoofd.' Ik zag wel iets in haar gedachtegang, maar dat van dat altaar had ik liever niet geweten. Toch was ik enigszins gerustgesteld en ik zei: 'Je gaat er dus wel van uit dat het om een zij gaat?'
Eigenlijk zou ik wel graag weten waar mijn pasfoto's zijn gebleven. Zoals ik ook graag zou weten waarom ik de afgelopen weken al twee keer in mijn slaap heb gepraat. Volgens Elsie ben ik ook dán op zoek naar voorwerpen, zij het voorwerpen die ze volstrekt niet kan plaatsen. Misschien word ik wel gewoon oud en slordig en kreupel en vergeetachtig en raak ik steeds meer dingen kwijt.
Ik reken op jullie hulp.
V.
Dan nu de draai in dit verhaal. De wending. Dat wat je nooit aan kon zien komen. Ik gebruikte een van de vier foto's voor mijn nieuwe treinabonnement. De andere drie foto's liet ik in het kleine mapje zitten dat ik erbij kreeg. En dat kleine mapje nu, dat is verdwenen. Ik heb er uitputtend naar gezocht (wat inhoudt dat ik twee keer in mijn portemonnee heb gekeken, twee keer in een lade in de huiskamer waar ik nog wel eens iets terugvind, en één keer in de zwarte tas die ik altijd bij me draag), maar: niets gevonden. Ik ben zomaar drie foto's kwijt waarop ik serieuzer kijk dan strikt noodzakelijk.
Elsie zei me gisteren dat ze misschien gestolen zijn. Dat iemand ze uit mijn portemonnee geroofd heeft. Ja, ze had er ideeën over. 'Ik denk dat een meisje dat verliefd op je is ze gestolen heeft. En dat een van die foto's nu in haar eigen portemonnee zit. Een andere hangt boven haar bed, en de derde gebruikt ze voor een soort altaar. Ze is namelijk niet helemaal goed bij haar hoofd.' Ik zag wel iets in haar gedachtegang, maar dat van dat altaar had ik liever niet geweten. Toch was ik enigszins gerustgesteld en ik zei: 'Je gaat er dus wel van uit dat het om een zij gaat?'
Eigenlijk zou ik wel graag weten waar mijn pasfoto's zijn gebleven. Zoals ik ook graag zou weten waarom ik de afgelopen weken al twee keer in mijn slaap heb gepraat. Volgens Elsie ben ik ook dán op zoek naar voorwerpen, zij het voorwerpen die ze volstrekt niet kan plaatsen. Misschien word ik wel gewoon oud en slordig en kreupel en vergeetachtig en raak ik steeds meer dingen kwijt.
Ik reken op jullie hulp.
V.
Abonneren op:
Posts (Atom)